Twinkle | Digital Commerce

Post: nothing changes

2017-05-26
170130
  • 2:51

'Men gebruikt tegenwoordig, hoor ik, enkel slakken en schildpadden als postboden'. Nee, deze uitspraak is niet van mede-blogger Walther, die vorige week nog TNT aan het kruis nagelde. Het is ook geen citaat uit een boze brief aan een webshop. De zin werd opgeschreven door Jacob van Lennep, in 1840. Waarmee maar weer eens aangetoond is dat klagen over tante Pos van alle tijden is.

Van alle tijden? Waren er dan voor die tijd ook al post- en pakketdiensten? Het zal u niet verbazen: de Romeinen hadden ze al. Ze maakten daarbij gebruik van de snelweg, ook een Romeinse vinding. Dus niet van de Duitsers.

Langs die weg stond her en der een halteplaats: de statio, dat ‘stilstaan’ betekent (wij gebruiken het in ‘station’). Reizigers konden er eten, overnachten en van paarden wisselen. Inderdaad, nageaapt door de cowboys en weer later door Van der Valk. De statio’s werden qua onderlinge afstand zodanig neergezet dat een snelle Romein nog net de volgende kon halen voordat-ie omviel. Een estafette kon zo 150 km. per dag afleggen en ... een netwerk voor expresse-bezorging was geboren: de cursus publicus. Je zou dus denken: dit moet na 2048 jaar toch feilloos kunnen werken … 

Even naar de cowboys terug. We kennen allemaal de postkoets-met-schone-dame-en-Indianen-eromheen. De grootste exploitant, de Connexxion van het Wilde Westen zeg maar, was Wells Fargo. Gezeteld in een kantoor met de naam ‘TheExpress’. Wells Fargo nam steeds meer pakjes mee en werd zo de grootste postdienst ter wereld. Ook goud werd door Wells Fargo met koetsen vervoerd, dat voor de klant werd opgeslagen of ingeruild voor cash. Zo ontstond de bank Wells Fargo, ook bedenker van jawel, de American Express card. 

Tot op de dag van vandaag wordt ook in Europa gebruik gemaakt van estafette-achtige posterijen. Nu heet dat SelektVracht. Destijds ging dat per particulier paard, koets en, in Nederland, met de trekschuit. Toch deed een pakje er omstreeks 1700 echt niet langer over dan een, twee dagen (nee, ik zeg niks).

Pas rond 1800 werden de Nederlandse posterijen een nationale onderneming - naar Frans voorbeeld (tegenwoordig zou dat andersom gebeuren). En zo werd het monopolie ingevoerd dat ons tot op de dag vandaag parten speelt: slechts een partij had het recht brieven te distribueren, toen nog met een maximum gewicht van een kilo.

Overigens, u moet niet denken dat de nationale posterij werden bedacht om de klant van dienst te zijn. Het was gewoon een manier om inkomsten te verwerven. Het was zelfs onderdeel van Financiën. En een eeuw later werd, à la Wells Fargo, ook nog eens de Rijkspostspaarbank bedacht. 

De klanten klaagden: het werd alsmaar langzamer, de dienstverlening minder, en tegelijkertijd werd alles duurder. Zo kon een klant rond 1850 's middags nog schrijven dat hij 's avonds niet kwam eten; een eeuw later werd die tweede bestelling afgeschaft.

Klanten bedachten dus methoden om het monopolie te omzeilen. Die ‘maximum kilo’ bleek de achilleshiel. De ontvanger van een brief keek dan ook helemaal niet vreemd op wanneer die brief eigenlijk een pakje was, met een extra steen. Ook hier zien we dus dat de tijd stil heeft gestaan: hadden Otto en Sandd niet bedacht dat je factuurtjes lekker zelf mag verzenden, als je er maar een zware catalogus bij stopt? 

Een reuzensprong: in 1989 werd ons Staatsbedrijf der PTT omgezet in KPN (Koninklijke PTT Nederland) met als ‘afdelingen’ PTT Post en PTT Telecom. Post behield het alleenrecht voor brieven tot en met 100 gram. In 2002 veranderde PTT Post haar naam in ‘TPG Post’, en in 2006 in ‘TNT Post’. 

Teruglezend denk ik: eigenlijk is er sinds 50 vóór Christus in essentie weinig veranderd, qua binnenlandse post. Nog steeds is het (deels) een monopolie, financieel gewin gaat meer en meer ten koste van de dienstverlening en m’n pakketje komt tegenwoordig pas na twee tot vijf dagen.